Elke dag jarig.

 

Plots stond heel het bos in rep en roer.  Was er iets ergs gebeurd?  Nee, dat niet.

 

Een paar dagen tevoren was het feestvarken in het bos aangekomen.  Hij had gezegd dat het die dag zijn verjaardag was, en dus hadden de dieren een grote taart voor hem gebakken en uitbundig feest gev ierd.

 

De dag erna had het feestvarken gezegd dat het weer zijn verjaardag was.  Dus moest de panda, die eigenlijk al een verjaardagsfeest had georganiseerd, zijn feest delen met het feestvarken en de helft van zijn verjaardagstaart afstaan.  Het werd een heel goed feest.

 

Twee keer achter elkaar, dat was nog wel eens gebeurd.  Maar toen het feestvarken de derde dag op rij jarig bleek te zijn, werden de dieren nieuwsgierig.  Zij stuurden de olifant erop uit om het varken uit te vragen, maar die durfde niet.  Uiteindelijk kwam de wasbeer te weten dat het feestvarken elke dag van het jaar, zijn hele leven lang, jarig was.

 

Dat vonden sommige dieren toch een beetje overdreven.  Geen enkel dier zou ooit nog een verjaardag voor zichzelf hebben!  Vooral de beer, die pas over honderd dagen jarig was, sliep nu al slecht bij het vooruitzicht zijn taarten te moeten delen.

 

Dus vroegen zij het feestvarken waarom het naar het bos was gekomen, en toen bleek dat hij op weg was naar een verre verwant in het zuiden, duwden zij hem zo vriendelijk mogelijk op de rug van de arend, die hem onverwijld ver zuidwaarts bracht.

 

Wel jammer, vond het feestvarken.  Hij kende weinig plaatsen waar de verjaardagen zo goed waren.